VNCI en Weekend van de Wetenschap bundelen krachten

 

Tekst: Igor Znidarsic

 

'Samen zijn we veel sterker'

 

Dit jaar vindt de Dag van de Chemie niet plaats in september, maar op 6 oktober, tijdens het Weekend van de Wetenschap. De VNCI en NEMO, organisator van het Weekend van de Wetenschap, zijn een samenwerking aangegaan die voor beide partijen alleen maar voordelen oplevert. 

 

Tijdens het Weekend van de Wetenschap, georganiseerd door NEMO, openen elk jaar in het eerste weekend van oktober organisaties in science, technology, engineering en math hun deuren voor een breed publiek. Tijdens de tweejaarlijkse Dag van de Chemie van de VNCI openden tot nu toe eind september chemiebedrijven en chemie-gerelateerde organisaties (zoals ziekenhuislaboratoria, waterbedrijven en onderwijs- en kennisinstellingen) hun deuren. “Beide evenementen brengen de wereld van wetenschap en technologie dichter bij het grote publiek”, zegt VNCI-directeur Colette Alma. “We doen deels hetzelfde. Van daaruit is het idee ontstaan om in plaats van elkaar op verschillende dagen te beconcurreren, juist de krachten te bundelen en in hetzelfde weekend te gaan zitten.” 

NEMO-directeur Michiel Buchel ziet een duidelijke overlap tussen de missies van het Weekend van de Wetenschap en de Dag van de Chemie: “Beide evenementen willen met een open-huisformule de belangstelling voor wetenschap en technologie vergroten. Wij motiveren onze onderzoeksinstituten, labs en musea om mensen te laten zien wat daar gebeurt, de VNCI doet hetzelfde met de chemie, met de bedoeling de chemische industrie op een positieve manier aan de samenleving te presenteren en te laten zien wat voor mooie en belangrijke producten er gemaakt worden. Door die overlap is het slim om samen te werken. Samen zijn we veel sterker.”

 

 

Lees verder:

De Dag van de Chemie vindt dit jaar daarom plaats op zaterdag 6 oktober, tijdens het Weekend van de Wetenschap. Speciaal om de dag ook in het jubileumjaar van de VNCI te laten vallen, was die al een jaar uitgesteld. Alma benadrukt dat ondanks de samenwerking de Dag van de Chemie gewoon blijft bestaan, maar dan als ‘apart onderdeel van het Weekend van de Wetenschap’.

 

Colette Alma: ‘Fantastisch dat we dankzij deze samenwerking nu een veel groter publiek bereiken.’

 

Media-aandacht
Een voordeel van de samenwerking is een vergrote aandacht voor beide events. “Een evenement als dit gaat in de samenleving leven door media-aandacht, en dat gaat niet vanzelf, we zijn geen Ajax-PSV”, zegt Buchel. “We zijn allebei beperkt in de mogelijkheden, maar samen kunnen we elkaar in het gevecht om de media-aandacht versterken en een net iets groter bereik genereren dan afzonderlijk.”

Het Weekend van de Wetenschap krijgt er door de samenwerking een hele sector bij, inclusief chemielocaties als Delfzijl en Chemelot. Het voordeel voor de chemiebedrijven is dat ze op een bredere en grotere 
belangstelling kunnen rekenen. Niet alleen door de grotere media-aandacht, maar ook door de opzet van de website van het Weekend van de Wetenschap. Als een potentiële bezoeker zich aanmeldt en zijn postcode invult, ziet hij meteen welke locaties in de buurt bezocht kunnen worden. Daar zitten nu dus ook chemiebedrijven bij. “Het is fantastisch dat we dankzij deze samenwerking nu een veel groter publiek bereiken”, zegt Alma. 

 

Discrepantie
Labs en chemiebedrijven zijn vaak moeilijk toegankelijk, alleen al vanwege het veiligheidsaspect. En onbekend maakt vaak onbemind. Daarom is het zo belangrijk dat zij hun deuren openen. Behalve voor het imago is dat ook goed voor de aanwas van bètatalent. Buchel: “Er zit een discrepantie tussen het imago van de chemie en het enthousiasme dat ik zie bij kinderen die in NEMO in het BASF-lab experimenteren met chemie. Daarom zijn het Weekend van de Wetenschap en de Dag van de Chemie zo belangrijk. Geen betere ambassadeur voor de industrie dan iemand die in een lab of fabriek uitlegt wat voor werk hij of zij daar doet en waarom dat zo belangrijk is. Dat is de meest authentieke en impactvolle vorm van communicatie.”

De samenwerking tussen het Weekend van de Wetenschap en de VNCI moeten we zien als een pilot. Alma: “We staan aan het begin van een gezamenlijk pad. Daarna gaan we evalueren en kijken hoe we de jaren daarna de samenwerking gefaseerd verder kunnen uitbouwen.”